De kippenrassen op onze boerderij vallen allen onder de groep zeldzame Oud-Hollandse hoenderrassen.
Achter op ons terrein zitten de Barnevelders, één van de beroemdste Hollandse legrassen. Omdat wij met onze eigen kippen de vraag naar eieren niet aankunnen worden er daarom in de Boerderij naast onze “eigen” eieren verse eieren van een biologisch pluimveebedrijf uit de regio verkocht. Wekelijks worden deze verse eieren aangevuld en zijn per 6 of 10 stuks te koop. Voor de verkoop van deze biologische eieren zijn wij altijd op zoek naar gebruikte eierdozen.
Een overzicht van onze kippenrassen:
Lakenveld

Lakenvelder
Rasbeschrijving: De tekening van het ras is een zwarte hals en een zwarte staart, die een wit lichaam begrenzen. Het halsbeslag moet fluweelglanzend zijn zonder een violette gloed. De poten zijn leiblauw en ze beschikken over een enkele kam. Onder invloed van zonlicht kunnen de Lakenvelders crème gaan verkleuren, met name de hanen hebben hier last van. Het ras is alleen erkend in de beschreven lakenveld kleurslag. Bij de krielen van dit ras bestaat echter ook de blauwe Lakenvelder waarbij het zwart is vervangen door blauw.
Geschiedenis: Over de oorsprong van het kippenras is men het niet eens. Zowel de Duitsers als de Nederlanders claimen het lakenvelder ras ontwikkeld te hebben, alhoewel internationaal het algemeen geaccepteerd is dat het ras in Duitsland is ontwikkeld. De Nederlanders beweren dat het ras in de 18de eeuw zou zijn ontstaan in en rond het Utrechtse buurtschap Lakervelt. De Duitsers beweren dat het dier ronde dezelfde tijd maar in het Duitse Westfalen zou zijn ontstaan.
Eierproductie: De Lakenvelder legt ongeveer 180 eieren per jaar en het gewicht van het ei is circa 50 gram en de kleur van het ei is wit.
Noord Hollandse Hoen

Noordhollandse hoen
Rasbeschrijving: De Noord Hollandse Hoen wordt gerekend tot de zware vleesrassen. Het dier is tamelijk breed met een vrij lange rug. Het heeft een enkele, rechtopstaande kam, oranje rode ogen en een tamelijk losse bevedering. De oren zijn rood en de poten wit. Het dier is erkend in één kleurslag: koekoek. De hanen zijn aanzienlijk lichter van kleur dan de hennen. Hanen wegen tussen de 3,5 en de 4 kilo, hennen tussen de 2,75 en de 3,25 kilo.
Geschiedenis: In de eerste helft van de twintigste eeuw was er grote vraag naar witvlezige slachtkuikens op de Amsterdamse pluimveemarkt. Om hieraan te voldoen werden Mechelse Koekoeken ingevoerd. Dit ras kon zich echter niet handhaven in dit gebied. Vervolgens zijn dieren van dit ras gekruist met de in deze streek aanwezige hoenders. Deze mestkippen werden later gekruist met Plymouth Rock, een Amerikaans ras, dit om de eierproductie op te voeren. Hieruit kwam de Noord Hollandse Hoen voort.
Eierproductie: Noord Hollandse Hoenders leggen ongeveer 140 eieren per jaar en het gewicht van het ei is circa 57 gram en de kleur van het ei is lichtbruin.
Brabanter

Brabanter
Rasbeschrijving: Brabanters zijn lichtgebouwde, slanke dieren met een smalle kuif, een driedelige baard en een met twee V-vormige hoorntjes voorziene kam, de zgn. hoorntjeskam. De kinlellen zijn afwezig of bedekt door de baard. Er worden 7 kleurslagen erkend. De meest opvallende kleurslagen zijn de goudzwart-, de zilver-zwart en de geelwit getoepten. Hierbij zijn de dieren goudbruin of zilverwit van kleur met een zwarte of witte toep aan het eind.
Geschiedenis: Dit ras wordt al eeuwenlang in Nederland, met name in Brabant, gefokt. In het begin van deze eeuw was dit ras bijna verdwenen, maar men heeft met gebruik van Duitse Hoenders toch weer een populatie weten op te bouwen. Omdat de prachtige kuiven erg onpraktisch waren en ook het leggen en broeden nadelig beïnvloeden, is men een ras met een stevige helmkuif gaan fokken. De kuif werd klein gehouden, en met het verkleinen van de kuif verscheen de kam weer. Deze werd 2-hoornig en ook de baard bleef bestaan.
Eierproductie: De hen legt ongeveer 150 eieren per jaar het gewicht van het ei is circa 52 gram en de kleur van het ei is wit.
Chaams Hoen

Chaamshoen
Rasbeschrijving: Het ras heeft een enkele kam, die rood van kleur is en bij de hen recht op staat, oranje ogen en leiblauwe benen. De tekening bestaat uit rechte zwarte en witte (zilverzwart geband) of zwarte en goudkleurige (goudzwart geband) banden, die even breed behoren te zijn.
Geschiedenis: : Over het ontstaan van het Chaams Hoen bestaat nog steeds veel onduidelijkheid. Het Chaams Hoen is van herkomst een Campine Hoen. Alle Campineachtige hoenders onderscheiden zich vooral door hun karakteristieke peltekening, gehardheid en goede legeigenschap. In de loop der eeuwen verspreidde de Campineachtige hoenders zich van de kuststreken tot diep in onze lage landen. Al vanaf 1912 spreekt de abdij van Torn in een opsomming van hun bezittingen heel specifiek over hoenders in de regio van Breda. Het is echter niet duidelijk of hier daadwerkelijk het Chaams Hoen mee word bedoeld. Chaamsche werden namelijk eeuwenlang Bredasche Kapoenen of Chapons genoemd. Dit heeft in het verleden tot veel onduidelijkheid en verwarring geleid.
Eierproductie: De hennen zijn bijzonder goede legsters met zo’n 140 eieren per jaar en de eieren zijn groot en wit van kleur.
Barnevelder kriel

Barnevelder haan

Barnevelder hen
Rasbeschrijving: De hanen van de belangrijkste kleurslag, dubbelgezoomd, zijn overwegend groenglanzend zwart gekleurd. De hals- en zadelveren en de vleugeldriehoek schouders zijn roodbruin van kleur. In het hals- en zadelbehang wordt dit roodbruin omgeven door zwart terwijl de schacht ook zwart is. De hennen hebben een warme goudbruine kleur, waarbij de veren op rug, zadel, vleugels en borst dubbelgezoomd zijn Kop en hals zijn zwart. De kam is enkel, rechtopstaand en telt vier tot zes kamtanden. De oren zijn rood en de benen geel. De snavel is geel met donker-hoornkleurige aanslag aan de punt. De Barnevelder is in vier kleurslagen erkend: wit, zwart, dubbelgezoomd zwart en dubbelgezoomd blauw.
Geschiedenis: In de periode 1850 – 1875 werden in de omgeving van Barneveld pluimveerassen zoals Cochin, Brahma en Langshan gehouden voor vlees- als eierproductie. Deze rassen werden gekruist met plaatselijk aanwezige boerenkippen. Vooral de kruising met Langshan ontstond er een kippenras die gedurende een groot deel van het jaar, inclusief de winter, mooie grote bruine eieren legden. Deze bruine eieren waren zeer gewild. Het type van de huidige Barnevelder is voornamelijk toe te schrijven aan de Langshan.
Eierproductie: De Barnevelder Kriel legt ongeveer 200 eieren per jaar het gewicht van het ei is circa 40 gram en de kleur van het ei is donkerbruin.
Sabelpoot kriel

Sabelpoot kriel
Rasbeschrijving: De lange gierhakken – gelijkend op sabels – zorgden voor de naam Sabelpoten. De hoog gedragen borst, de naar achteren gedragen hals en de vrij hoog en gespreid gedragen staart zijn de meest karakteristieke kenmerken van dit krielras. De enkele kam is rechtopstaand en helderrood van kleur. Er komen zowel dieren zonder als dieren met baard voor. De loopbenen, buiten- en middenteen zijn volledig bevederd en vormen gezamenlijk een fraai halfrond voetstuk. Er zijn inmiddels 18 kleurslagen erkend. De kleurslagen porselein, citroenporselein, isabelporselein, okerwit gepareld en zwart-wit gepareld zijn de belangrijkste.
Geschiedenis: De Nederlandse Sabelpoten behoren tot de oudst bekende dwerghoenderrassen. Reeds in de zestiende eeuw werden ze door Adriaan van Utrecht afgebeeld. Aangenomen wordt dat hun oorsprong in Oost-Azië ligt. De bij de Sabelpoten zeer bekende porseleinkleur komt daar van oudsher voor. Zowel qua karakter als qua algemeen voorkomen is er een kennelijke verwantschap met de Japanse krielen.
Eierproductie: Sabelpootkrielen leggen ongeveer 150 eieren per jaar en het gewicht van het ei is circa 30 gram en de kleur van het ei is wit/bruin.


