Vogels

Pauw

PauwIn het wild leven pauwen in Noord-Indië. Er zijn verschillende soorten pauwen. Ze behoren tot het geslacht van de fazantachtige. De pauwen op de Weverkeshof zijn blauwe pauwen. Het zijn vogels waarvan de haan met zijn lange rugveren tot de mooiste vogels behoort.

De pauw spreidt zijn veren niet omdat hij trots is, maar omdat hij het wijfje probeert te lokken. Pauwen zijn loopvogels. Ze kunnen niet goed vliegen. Net als hun buren de kalkoenen, slapen ook de pauwen op de takken van de bomen.

Wanneer de mannetjes ‘roepen’ wil dat zeggen dat de andere mannetjes uit de buurt moeten blijven en dat dit zijn territorium is. Ook is het een manier om andere pauwen te waarschuwen wanneer er gevaar dreigt.

Kalkoen

Oorspronkelijk hoort de kalkoen thuis in Amerika. Het is een vogel die graag in lichte bossen leeft. De kalkoen loopt liever over de grond dan dat hij vliegt. Hij brengt de nacht door op takken om zoveel mogelijk beschermd te zijn tegen roofdieren. Voedsel vindt hij op de grond.

Wanneer een kalkoen gaat broeden, maakt hij zijn nest op de grond. Hij maakt een soort kuiltje waarin hij zijn eieren legt. Een kalkoen kan wel acht eieren leggen.

Je kunt het verschil tussen mannetjes en vrouwtjes zien doordat de mannetjes iets groter zijn en langere staartveren hebben. Wanneer een mannetjeskalkoen kwaad is of wanneer hij indruk wil maken op een vrouwtje, kleurt zijn kop roder, zet hij zijn staartveren op en worden de lellen bij zijn snavel dikker. Ook maakt hij dan een bepaald geluid om zich goed te laten horen.

Parelhoender

Parelhoenders (ook wel poelepetaten genoemd) zijn niet zo eenvoudig te houden als kippen. De in ons land meest voorkomende parelhoender is de Helmparelhoender (Numida Meleagris Domesticus).

De parelhoender is oorspronkelijk afkomstig uit Afrika, maar genoemde soort is inmiddels heel goed aan ons klimaat gewend.

Uitbroeden en opfok gaat net als bij kippen, alleen is de broedtijd 24 dagen in plaats van 21 dagen bij kippen, hoewel de kleine kuikentjes wel veel kwetsbaarder zijn dan die van kippen. De eieren zijn klein, hebben een punt en zijn grauwbruin. Parelhoenders leggen niet het gehele jaar door zoals kippen, dus voor de eieren hoef je ze niet te houden. De geslachtsbepaling van parelhoenders is moeilijk. Deze is bij kuikens onmogelijk en zelfs bij volwassen dieren is het moeilijk. Bij de volwassen haan staan de lellen aan de kop meer uit dan bij de hen, maar het blijft nog erg moeilijk te zien vind ik.

Parelhoenders maken een enorme herrie als ze schrikken of onraad bespeuren. Niet geschikt voor als je buren dichtbij hebt! Ze kunnen erg goed vliegen, dus daar moet je ook rekening mee houden.

Het is bepaald geen knuffeldier, ze blijven afstandelijk en zijn zeer moeilijk te vangen. Je krijgt er ook slecht vat op, het verenpak ligt zeer glad tegen het lijf en het zijn naar verhouding ook erg sterke dieren, je hebt echt beide handen nodig om er eentje vast te houden! Met de snavel kunnen ze flink hakken als het nodig is.

Valkparkiet

VolierevariaMen denkt dat de valkparkiet zijn naam te danken heeft aan het feit dat de elegante vlucht van deze parkietensoort vergelijkbaar is met de vlucht van de valk. In het wild is de valkparkiet praktisch in het gehele binnenland van Australië te vinden. Ze leiden er een rondzwervend bestaan in kleine groepjes van 10 tot 30 vogels, steeds zijn ze op zoek naar voedsel- en drinkgelegenheden. Bij extra droge periodes komt het soms op die plaatsen tot massabijeenkomsten van enkele honderden tot zelfs duizenden valkparkieten.

De valkparkiet behoort tot de soort van de papegaaiachtige. Bij valkparkieten vertoont de man broedgedrag en zorgen de ouders samen voor het voeren van de jongen. Dit komt vrijwel niet voor bij andere parkieten- of grote papegaaiensoorten. Een vrouwtje valkparkiet wordt een pop genoemd. De grootte van een broedsel kan liggen tussen de 4 tot 7 eieren. Ze worden ongeveer 21 dagen. Met een goede verzorging en een gevarieerd voedselaanbod kan de valkparkiet gemakkelijk 25 jaar worden.

Duif

Duiven leven in het wild grotendeels in bomen en zijn sterke en behendige vliegers. Duiven zijn over het algemeen monogaam en bouwen hun nest in bomen of struiken. Sommige soorten gebruiken ook rotsspleten of boomholten om hun nest in te bouwen. Beide ouders dragen zorg over de eieren in het nest. Enkele van de meest voorkomende duivensoorten zijn de rotsduif, houtduif en de tortelduif.

Geschiedenis:

Ver voor het begin van onze jaartelling ging men in landen als Perzië, Griekenland en Egypte over tot het houden van duiven. Zo ontstond er een tamme soort. De duiven die men toen hield, waren vooral bedoeld voor consumptie, om op te eten dus. De oude Romeinen en Grieken (ca. 500 voor Christus) kwamen op het idee om de duiven ook te gaan gebruiken voor het versturen van berichten. Vooral in tijden van oorlog en rampen gebruikte werden met grote regelmaat duiven ingezet om snel belangrijke berichten over te brengen.

In de 16e eeuw bracht werden de eerste duivenhokken ondergebracht in torens, waarin soms wel plaats was voor 2000 duiven. Alleen edelen mochten dergelijke duiventorens bouwen. De ontlasting van de duiven werd gebruikt om de landerijen te bemesten. Voor ‘duivenpoep’ werd in die tijd erg veel geld betaald.

Fotoalbums

sint2007_11 Fien 20091203-_MG_4641                                dierendag_2007_03_casperaai

Poll

Wat vind je van de website?

View Results

Verwerken / ophalen ... Verwerken / ophalen ...